Het tegengaan van uitheemse soorten (exoten) om geen schade aan te richten aan de inheemse soorten. 

Diverse planten (bijv. grote berenklauw, Japanse duizendknoop en Dijkvlitbraam) worden, indien gesignaleerd, bestreden. Er wordt gewerkt aan een programma om vast te leggen waar de planten staan zodat deze bestreden kunnen worden en gecontroleerd of bestrijding effect heeft. Dit werk heeft continu aandacht omdat ondanks de bestrijding de verspreiding van deze soorten gewoon doorgaat. Klimaatverandering heeft daar mee te maken.